Zoeken
Zoeken Menu

Is dat nou met een t, een d, een dt, tt, dd, whaaaaaa! Spelling!

Spelling

Ik houd van taal. De Nederlandse taal om precies te zijn, ik ben nog steeds niet gek op Engels, Frans, Duits of welke andere taal dan ook. Dat komt ongetwijfeld ook door de moeite die ik in die vakken heb moeten steken om nog iets van een voldoende te krijgen. Waar ik vroeger altijd uren bezig was met woordjes leren en er toch niets bleef hangen, valt het tegenwoordig wel mee met mijn kennis van de Engelse taal, waarschijnlijk ook dankzij de overvloed aan Engelstalige televisieprogramma’s en het veelvuldig gebruik van het wereldwijde web.

Spelling

Spelling is iets wat ik al op de basisschool meekreeg, met name de werkwoordspelling. Tot vervelens toe, want twee dagen in de week huiswerk maken voor “Raak” was gewoon echt niet leuk. Gelukkig was het zo dat we al vrij snel doorgekregen van de vorige groep acht dat als je bij oefening elf was, dat je dan de antwoorden van oefening één weer kon gebruiken. En zo dacht de hele klas zich heel wat tijd te besparen, wat ook wel waar was. Natuurlijk wisten we niet dat het waarschijnlijk beter zou zijn om gewoon de opdrachten zelf te maken, wie denkt daar nou aan op die leeftijd. Gelukkig deed onze docent, meneer Schaap, dat wel en hij zorgde ervoor dat we elke keer opnieuw een riedeltje moesten oplezen. Ik kan het bijna dromen dat riedeltje, met hoe je moet uitzoeken of het een voltooid deelwoord is of een bijvoeglijk naamwoord, er waren een aantal stappen die je door moest. En door keer op keer op keer op keer dat riedeltje te horen, gingen we van de basisschool af met een goede basiskennis op het gebied van spelling. Overigens hadden we ook huiswerk voor zinsontleden en begrijpend lezen en dergelijke, dat was mogelijk nog vervelender dan “Raak”.

Fouten

Ondanks mijn goede basiskennis maak ik best nog wel fouten. Ik merk het vooral als ik moe ben, of er niet helemaal bij ben met mijn hoofd. Toch hoor ik eigenlijk vaker dat men verwonderd is over de weinige fouten die ik maak, dan dat men fouten vindt. En natuurlijk is het zo dat vaak één persoon een fout vindt en dat even meldt en je de fout meteen aanpast (zo schreef ik pas over dat het veel te klad was in plaats van veel te glad), waardoor je relatief minder vaak fouten tegenkomt dan als je gaat letten op woorden die niet fout zijn. Op dit moment heb je in deze tekst al zo’n vierhonderd woorden gelezen en daarvan zullen de meeste woorden toch echt foutloos geweest zijn 😉 Natuurlijk probeer ik wel zo min mogelijk fouten te maken, ook omdat ik het zelf niet fijn vind om fouten bij een ander te zien. Het is een kleine moeite om even je teksten nog een keer door te lezen en kijken of er fouten in zitten. Maar zelfs als je dat doet haal je niet alle fouten eruit, want eigen fouten zijn vaak moeilijk om op te sporen.

Controle

De beste manier om fouten uit een tekst te halen is door een ander te laten kijken. Bij een ander zie je de fouten nou eenmaal eerder dan bij jezelf. Heb je niet iemand anders die even kan meelezen, denk dan aan een spellingscontrole, al dan niet via een tekstverwerker. Dit is overigens mijn mening, er zijn ook mensen die vinden dat er helemaal geen spellingscontrole op de tekstverwerker moet staan, omdat men simpelweg zelf niet meer leert hoe je dingen moet schrijven. Ergens zit daar ook wel wat. Hoe dan ook, ik kreeg pas een website onder mijn ogen die grote lappen tekst nakijkt op spelfouten. Omdat ik toch wel erg benieuwd was naar mijn eigen teksten, besloot ik die in te laden op de website. Gelukkig kon ik erg tevreden zijn met de uitkomsten. Toen ik vervolgens de website aan iemand anders aanraadde, bleek al snel dat de website een aantal prachtige fouten niet als fouten aanmerkt. Een van de grootste valkuilen in de werkwoordspelling, werd niet als fout gezien. Beetje jammer, want dan is de vraag wat nog meer allemaal goed zou zijn volgens de website, maar niet volgens groene of witte boekjes.

Spelling

Oefenen

Van steeds meer mensen in mijn omgeving hoor ik dat ze eigenlijk wel graag hun taal willen bijspijkeren omdat ze niet tevreden zijn over hun eigen niveau. Tja, wie ben ik dan om te zeggen dat ze dat niet moeten doen? Sterker nog, het zorgde ervoor dat ik ook ging rondneuzen om te kijken hoe het met mijn taalniveau stond. Dat deed ik op de website van de Nederlandse Taaltest. Na een aantal oefeningen stond ik vooral versteld van de nog aanwezige kennis van zinsontleding. Dat is natuurlijk iets wat heel snel weg zakt. NU hoef ik dat niet per se opnieuw te oefenen, maar ik heb me wel voorgenomen om toch nog maar weer eens in de werkwoordspelling te duiken en te gaan “Raken”.

Auteur:

Frédérique van Egmond, freelance verslaggeefster, maar ook bekend onder de naam Troel en schrijfster op de website Troel.nl.
Woont in Haaksbergen en schrijft met name over haar leven en de zaken die haar bezighouden.