In september besloot ik te beginnen met een taalquiz op sociale media. Via Facebook en Instagram kan iedereen drie keer per week meedoen aan de quiz. De inzet: nog onbekend, tot nu toe dus eeuwige roem. September was de opstartmaand, maar de bedoeling is dat elke laatste vrijdag van de maand de winnaar bekend gemaakt wordt. Ondertussen ga ik op zoek naar een leuk presentje voor de winnaars. In dit artikel wil ik de quizvragen van deze maand toelichten (je moet er tenslotte wel wat van leren!).

Te allen tijde

De eerste quiz begint meteen met een veelgemaakte fout. Heel veel mensen denken zeker te weten dat ze deze uitdrukking op de juiste manier gebruiken. Het tegendeel is echter het geval. Slechts een derde van alle mensen die antwoord gaven, wist het juiste antwoord. Het is ook een fout die je heel vaak langs ziet komen. En eigenlijk is dat jammer, want het is een fout die je heel makkelijk kunt ontwijken: gebruik een moderner woord.
Maar de vraag blijft natuurlijk: wat is de juiste vorm? De juiste vorm van deze uitdrukking is ‘te allen tijde’. Het is een zogenaamde staande uitdrukking, een uitdrukking die niet verandert.
De grammaticaregel die hier van toepassing is, is de volgende:

Schrijf ter of ten in een constructie waarin een lidwoord mogelijk is. Gebruik ter bij vrouwelijke woorden en ten bij mannelijke woorden. Is er geen lidwoord mogelijk, schrijf dan te.

Ben je niet helemaal zeker hoe je zo’n oude uitdrukking moet gebruiken, gebruik dan een ander woord. In het geval van ‘te allen tijde’ kun je ook kiezen voor ‘altijd’ of ‘steeds’.

Identificatiebewijs

Het woord ‘identificatie’ is een weetwoord. Er is eigenlijk geen regel waarom het zo geschreven moet worden. Dat is waarschijnlijk ook de reden dat iedereen dat gedeelte van het woord goed had. Het verschil in antwoord lag meer in de leeftijd van de deelnemers aan de quiz. De jeugd koos zonder uitzondering voor identificatie-bewijs, waar de oude garde de woorden samenvoegde. De laatste groep heeft gelijk: het is één woord. Overigens wordt meestal gesproken van een identiteitsbewijs. Het nog kortere ID-bewijs is geen officiële spelling.

De grammaticaregel die hier van toepassing is, is de volgende:

Een samenstelling is een combinatie van twee of meer woorden. Samen vormen deze woorden een eenheid, daarom is een samenstelling één woord. De delen van de samenstelling kunnen ook los van elkaar gebruikt worden. In sommige gevallen mag je ter verduidelijking een koppelteken gebruiken, bij een klinkerbotsing is dat verplicht (na-apen).

Normen-en-waardendebat

Ja, een echte instinker! Veel mensen dachten deze opdracht goed te hebben en kozen voor normen- en waardendebat. Begrijpelijk, want je zou verwachten dat het woord in dezelfde groep zou vallen als im- en export en zon- en feestdagen. Niets is echter minder waar. Het gaat hier niet om twee samengestelde woorden waarin een deel van de woorden hetzelfde is, maar om een combinatie van woorden.

De grammaticaregel die hier van toepassing is, is de volgende:
Is een combinatie van woorden in zijn geheel één begrip, dan worden alle woorden met koppeltekens verbonden.

Als het zou gaan over een normendebat en een waardendebat, dan zou het enkele koppelteken de juiste schrijfwijze zijn, maar het gaat echt om een debat over normen en waarden. Hetzelfde geldt ook voor jip-en-janneketaal. Dat er geen streepje tussen waarden en debat, maar ook tussen janneke en taal staat, komt omdat er sprake is van een samenstelling.

Akkoord

Een opdracht om even andersom te denken: zoek de fout. In dit geval werden vier woorden met cc geschreven, waarvan één woord toch echt met kk geschreven moest worden. Het ging uiteraard om het woord ‘akkoord’. Tientallen jaren lang is het niet duidelijk geweest of woorden nu met een c of met een k geschreven moesten worden. Pas in 1995 werden daar regels voor vastgelegd. Veel woorden die lang met een k geschreven werden, moeten nu met een c geschreven worden en in sommige gevallen is er gekozen voor een k in plaats van de c. Er is hier sprake van een weetwoord.

De grammaticaregels die hier van toepassing is, is de volgende:
Gebruik bijna altijd cc in woorden met acco (accommodatie, accordeon, accorderen, accessoire, accreditatie). Uitzondering: akkoord.

Score van september

Ondanks dat er maar vier vragen zijn langsgekomen in september, werd al driftig meegedaan met de quiz. De winnaars van september hebben allemaal 25 punten gescoord. Weten wie gewonnen heeft? Volg Troel op Facebook of Instagram of meld je aan voor de nieuwsbrief, want daar worden de winnaars bekend gemaakt.